Breipatroon voor sokken met koffieboonsteek

De breisteek het koffieboontje is een mooie structuursteek die eenvoudig én leuk is om te breien. Het is een oude breisteek, maar nog steeds hot en happening. Bijvoorbeeld in dit breipatroon voor sokken waar het koffieboontje de sok lekker elastisch en volumineus maakt. Het koffieboontje brei je in 4 toeren en lijkt een beetje op een klein kabeltje. Op het internet vind je talloze beschrijvingen van het koffieboontje. Ik ben uitgegaan van de beschrijving op wolenco.nl. Het sokkenpatroon is van eigen ontwerp en in kortere variant in de wolwinkel te downloaden

Patroon koffieboonsteek


Bron: wolenco.nl/

Benodigdheden koffieboonsokken

Gebruikt garen: Schoppelwolle Admiral Hanf; 1 bol is voldoende voor sokken t/m maat 45. Wanneer je wat losser breit zelfs tot maat 47.
Naalden: sokkennaalden 3 van 20 cm zonder kop of Addi Rondbreinaalden 3 van 40 cm.
Stekenverhouding: 25 st x 33 nld = 10 x 10 cm op naald 3; ben je een vaste breier, dan is de stekenverhouding: 30 st x 42 nld = 10 × 10 cm.

Hieronder staat het breipatroon voor sokken met de koffieboonsteek uitgebreid beschreven. Je kunt hem ook gratis als breipatroon bestellen. 

Werkwijze sokken breien maat 36 – 39

Beenstuk in koffieboonsteek

Zet 60 steken op 4 naalden zonder kop, 15 steken per naald.
Toer 1: recht

Start met de voorbereidende toeren van het patroon:
Toer 2: *av, r, av, 1r-verdr r, r* – herhaal van * tot * 9 keer.
Toer 3: *av, r, av, 1st afh-2r-1st overh* – herhaal van * tot * 9 keer.

Sart koffieboon patroon:
Toer 4: *av, r, av, 2r* – herhaal van * tot * 9 keer.
Toer 5: *av, r, av, r, o, r* – herhaal van * tot * 9 keer.
Toer 6: *av, r, av, 3r* – herhaal van * tot * 9 keer.
Toer 7: *av, r, av, 1st afh-2r-1st overh* – herhaal van * tot * 9 keer.

Herhaal de toeren 4 t/m 7 14 keer. Je eindigt na toer 63. Daarna start je met de hiel.

Boemeranghiel in tricotsteek

De boemeranghiel wordt over de helft van de steken gebreid en bestaat uit twee delen. Het eerste deel brei je van buiten naar binnen. Vervolgens brei je 2 toeren over álle steken, ook van de andere helft. Daarna het tweede deel van de hiel, die gaat van binnen naar buiten.

Verdeel de steken over de naalden. Brei je op sokkennaalden zonder kop, plaats dan de steken van naalden 2 en 3 op een (langere) breinaald en verdeel de overige 30 steken als volgt over 3 naalden: 10 – 10 – 10.

Brei je op een rondbreinaald, plaats dan een stekenmarkeerder tussen de 15e en de 16e steek en tussen de 45e en 46e steek. Zo heb je 30 steken om de hiel van te breien. Vervolgens plaats je stekenmarkeerders om elke 10 steken, zodat het gedeelte van de hiel in drieën is verdeeld. In plaats van een stekenmarkeerder kun je ook een draadje wol in een andere kleur gebruiken.

Verkorte rijen breien

Je breit steeds verkorte rijen, waarbij je de buitenste steken breit als een dubbele steek. Die doet je om gaatjes in het breiwerk te voorkomen. Brei hem als volgt: haal de draad naar je toe, of je nu recht of averecht gaat breien. Vervolgens haal je de eerste steek af (alsof je averecht breit) en haal je de draad over de naald heen. Zo trek je de steek naar achter en zie je twee draden over de naald liggen: een dubbele steek.

Tip: een veelgehoorde klacht bij de boemeranghiel is de gaatjes tussen de overgang van hiel naar voet. Om deze gaatjes te voorkomen, leg je de eerste twee en de laatste twee steken van de overige 30 steken toch op de naalden waarmee je de hiel breit. Je neemt die niet op in het breiwerk, maar zo blijft de draadspanning bij de overgang tussen de hiel en de voet gelijkmatiger.

Deel 1 van de boemeranghiel

Toer 1 (dit is de goede kant GK van het werk): brei alle steken recht tot het einde (dat zijn 15 steken). Keer het werk.
Toer 2 (dit is de verkeerde kant VK): brei een dubbele steek, brei alle steken averecht tot het einde. Keer het werk.
Toer 3 (GK): brei een dubbele steek, brei alle steken recht tot de dubbele steek. Keer het werk.
Toer 4 (VK): Brei een dubbele steek, brei alle steken averecht tot de dubbele steek. Keer het werk.

Herhaal deze toeren tot je aan elke kant 10 dubbele steken op de breinaalden hebt liggen. Dus 20 in totaal. De middelste 10 zijn enkele steken.

Vervolgens brei je twee toeren over álle steken, waarbij je de dubbele steken als 1 steek breit. Let op, over de 30 steken op de hulpnaald brei je het patroon. Dat gaat als volgt:
Toer 64: 15r (alle dubbele steken als 1r), *av, r, av, 2r* – herhaal van * tot * 5 keer, 15r (alle dubbele steken als 1r).
Toer 65: 15r, *av, r, av, r, o, r* – herhaal van * tot * 5 keer, 15r

Deel 2 van de boemeranghiel

Toer 1 (dit is de goede kant GK van het werk): brei 6r (dat zijn de 5 steken tot het einde van de middelste naald + de eerste steek van de linker naald). Keer het werk.
Toer 2 (dit is de verkeerde kant VK): brei een dubbele steek, brei alle steken van de middelste + de eerste steek van de rechternaald averecht. Keer het werk.
Toer 3 (GK): brei een dubbele steek, brei alle steken recht, inclusief de dubbele steek, + de eerste steek van de linkernaald na de dubbele steek. Keer het werk.
Toer 4 (VK): Brei een dubbele steek, brei alle steken averecht, inclusief de dubbele steek, + de eerste steek na de dubbele steek. Keer het werk.

Herhaal deze toeren tot de twee buitenste steken als dubbele steek op de breinaalden hebt liggen (dat zijn 20 toeren in totaal).

Verdeel de steken weer over 4 naalden. Let op, omdat je het patroon hebt doorgebreid, heeft de bovenkant van de sok, vanwege de omslagen, 6 steken meer. Je hebt dus op naald 1 en 4 30 steken (inclusief 2 dubbele steken) en op naald 2 en 3 liggen 36 steken.

Voet in tricot- en koffieboonsteek

Vervolgens brei je de voet. Omdat het koffieboontje een structuursteek is, wat niet fijn voelt onder de voet, wordt de onderkant in tricotsteek gebreid. De bovenkant wordt gebreid volgens patroon.

Toer 66: 15r (brei dubbele steek als 1r), *av, r, av, 3r* – herhaal van * tot * 5 keer, 15r.
Toer 67: 15r, *av, r, av, 1st afh-2r-1st overh* – herhaal van * tot * 5 keer, 15r.
Toer 68: 15r, *av, r, av, 2r* – herhaal van * tot * 5 keer, 15r.
Toer 69: 15r, *av, r, av, r, o, r* – herhaal van * tot * 5 keer, 15r.
Toer 70: 15r, *av, r, av, 3r* – herhaal van * tot * 5 keer, 15r.
Toer 71: 15r, *av, r, av, 1st afh-2r-1st overh* – herhaal van * tot * 5 keer, 15r.

Voor sokken maat 36/37: herhaal de toeren 68 t/m 71 8 keer (t/m toer 102), dat is ongeveer 16 cm.
Voor sokken maat 38/39: herhaal de toeren 68 t/m 71 9 keer (t/m toer 106), dat is ongeveer 17 cm.
Of meet de afstand van de achterkant hiel tot aan teen en brei door totdat je die lengte bereikt hebt.

Teen in tricotsteek

Aan deze sok wordt een bandteen gebreid. Dat betekent dat je 1 steek voor het einde van naalden 1 en 3 een mindering naar rechts maakt en 1 steek voor het einde van naalden 2 en 4 een mindering naar links. Zo ontstaat er een band over de tenen. De teen wordt in tricotsteek gebreid.

Toer 1: Naald 1 – alles recht tot er 3 steken op de naald staan: 2r samenbr, 1r. Naald 2 – 1r, 1st afh-1r-1st overh, recht tot het einde van de nld. Naald 3 – zoals nld1. Naald 4, zoals nld 2. In deze toer zijn 4 steken geminderd.
Toer 2 en 3: alles recht.
Herhaal toer 1 in ronde 4, 6 en 8. Vanaf toer 8 minder je in elke toer, net zolang er 2 steken op elke naald staan, 8 steken in totaal.

Verdeel de steken over 2 naalden en knip de draad af. Neem een stopnaald en maas de steken met de afgeknipte draad aan elkaar door steeds 8-jes te maken in de steken die boven elkaar liggen. Trek daarna de draad stevig naar binnen en hecht af.

KLAAR IS JE SOK MET KOFFIEBOONSTEEK!

Wat vond je van dit patroon? Geef een reactie hieronder of deel het resultaat op Instagram en Pinterest. Upload een foto en tag @Wolgalerie. Ben benieuwd!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *